28-04-09

25.04.2009 Les Kangourous de Falisolle

Het kost mij wat overredingskracht om Lindake voor het zuiden te laten kiezen maar we zijn ’s ochtends tijdig op weg richting Charleroi. De omleiding over Courcelles is niet bepaald goed aangegeven maar vinden doen we het wel. Vanaf afrit Sambreville zorgen de Kangourous voor ‘marche’ pijlen, ruim 10 kilometer op voorhand dus. In het dorp wijzen parkeerwachters ons de weg tussen industriële gebouwtjes naar een veilige parkeerplaats, klasse hoor ! Vanaf het dorpskerkje een heuveltje op tot de beetje aftandse startzaal. Mr. Le Permanent doet er zich al te goed aan een groot stuk aardbeientaart met pudding. Jacqueline komt ook binnengestormd, als haar schaduwen gevolgd door haar mannen.

Bij zonnig doch fris weer verlaten we het dorp tot voorbij het verlaten stationnetje. Een joekel van een helling op onze rechterhand laat al iets vermoeden. Inderdaad, een paar honderden meter verder is de opwarming voorbij en stuurt een veldweg ons recht naar boven, richting kerkje van Arsimont. De rustpost na nauwelijks 2,9 km stappen we enkel binnen voor het in Wallonië obligate stempeltje en ‘vort met de geit’. Een korte klim van meer dan 20% laat de beenspieren trillen. Stevig golvende kerkwegels sturen ons naar een steenweg. Er volgt een heel lange gestage klim tot boven op het plateau. We wandelen het dorp uit en krijgen een pracht van een vergezicht te bewonderen. Zon en koolzaad zorgen voor vrolijke gele tinten. Op de horizon ligt Aisemont en daar gaat het ook naartoe. Passeren een immense groeve alvorens over weer een andere steenweg het dorp binnen te wandelen. Geen rustpost hier maar meteen een afdaling van 10% en meer naar het valleitje van Le Vairon. What goes down must come up en we mogen meteen alweer stevig klimmen naar het volgende dorp. Genieten intussen met volle teugen van de prachtige vergezichten. Pauzeren doen we in een piepklein zaaltje, haast letterlijk onder de kerktoren van Vitrival. Hebben er negen stevige kilometer opzitten.

Uiteraard gaan we na de pauze weer klimmen, deze keer langs de Rue Rauhisse naar het Bois de Mazuis. Vijf jonge snaken uit het Leuvense stormen ons vol goede moed voorbij. Zij hebben duidelijk niet de minste wandelervaring en rekenen rond 19:00 de aankomst te bereiken. Ze doen lacherig als ik hen vertel dat 17:00 sluitingstijd is en gaan er vandoor. Wij genieten van de groen, rode omgeving van het beukenbos. De open vlakte van het plateau laat ons opnieuw genieten van helgele koolzaad, terwijl wij onder de ruis van niet minder dan elf moderne windmolens koers zetten naar de overkant. Een straatje verder ligt de rustpost van Devant-les-Bois (16 km). In het oude gebouwtje vrijwel uitsluitend Nederlandstalige wandelaars, zoals gewoonlijk bij Waalse tochten. Heel wat dapperen komen al terug van de 50 kilometer lus en zullen samen met ons, die de 42 km stappen, de rest van het parkoers afhaspelen.

Als we buiten komen heeft de blauwe lucht plaatsgemaakt voor een grijzer exemplaar. De wind wakkert aan terwijl wij langs een merkwaardig lage watertoren terug het plateau opgaan. Wandelen hier duidelijk op het hoogste punt van de streek, wat prachtige vergezichten oplevert. We duiken Bois Pontaury binnen en mogen er meteen genieten van een prachtig paars tapijt boshyacinten. Heerlijks slingerpaadjes sturen ons door een zee van kleur. Twee dametjes ‘bemannen’ de wagenrust aan de ingang van de volgende bosstrook (19,2 km). Stempeltje nemen, het bijhorende suikerwafeltje opbergen voor latere honger, we zetten onze weg verder. Mogen nu genieten van heerlijke boswegen. Het is wel opletten waar je de voetjes neerzet vanwege een overvloed aan brokken natuursteen, al dan niet losliggend. Zoals Linda voorspelt had horen wij de eerste koekoek, klokvast het laatste weekend voor 1 Mei. Een stevige boswandeling zet ons af bij een reeds lang verlaten spoorbaan. We vervloeken er de dikke kiezels en zijn wat blij de Lac de Bambois te bereiken. Vanaf hier gaat het eventjes bergaf, een klaterend beekje volgend en vervolgens terug omhoog naar de rust van Haut-Vent na 24,7 km.

Deze post kennen we ook van de tocht vertrekkend uit Fosses-la-Ville. Voorbij een prachtige kastanjelaar, de kaarsen fier omhoog stekend, duiken we aan 15% de Rue des Forges af om meteen weer dezelfde hoogte te winnen mits een stevige klim. Moeten een drukke baan over en vervolgen onze weg hoog boven en evenwijdig met een valleitje. Dit is misschien wel het mooiste stukje van het parkoers. In de diepte ligt Vitrival met zijn kerkje als op een piëdestal. Aan de overkant, hoog boven het koolzaad, priemt het kerktorentje van Aisemont. Helemaal in de verte liggen oude mijnterrils van het Charleroi bekken. Wij mogen terug pauzeren in Vitrival na 28,4 km. Blijven er maar eventjes voor een sanitaire stop en stomen door de volgende heuvel, bestaande uit weilanden, op. Onder de autobaan door bij riviertje Le Vairon en over de afgeschreven spoorbaan gaan we weer klimmen. In schuifjes brengt de parkoersmeester ons naar Névremont en de rust in een ons welbekend poortgebouw (31,2 km).

Een praatje met de dames achter de tafel en weg zijn we weer. Krijgen een enig zicht op Fosses-la-Ville en zijn merkwaardige kerktoren cadeau en duiken vervolgens de golvende velden in, hobbelend over een kasseitje. Gaan weer haast eindeloos genieten van een prachtige bosstrook. Lijken hier gans alleen te wandelen met onze gevederde vrienden als vrolijke muzikale achtergrond. Komen uiteindelijk toch in een dorp uit voor de voorlaatste rustpost na 36,3 km. Blijkt Ham-sur-Sambre te zijn. Van hieraf wordt het straatjes lopen, altijd maar rechtdoor en hoog boven de vallei van de Samber. Een kerkwegel zal ons finaal afzetten bij de rustpost van Arsimont. We hebben nog 3,1 km voor de boeg.

Onze parkoersmeester is er één van het betere soort en dus een beetje sadistisch. Niet alleen krijgen we een tweede keer die heel nijdige helling van vanmorgen onder de slof geschoven. Aan de overkant van de steenweg volgt een langere, ook al pittige klim. Klom Linda vandaag minder goed dan ik van haar gewend ben, nu komt ze mij wat jennen door het tempo zachtjes maar zeker op te drijven. Voel mij echter sterk vandaag en geef geen krimp. Spelevarend genieten we een laatste keer van het prachtige uitzicht tot Aisemont en duiken het laatste bosje in vanaf een kapel met datum 1862. Een laatste steile afzink tussen de huizen met uitzicht op de tegenover liggende bewoonde heuvel. We kunnen uitbollen tot voorbij het kerkje, recht de zaal binnen. Nemen ruim onze tijd in het toffe gezelschap van Linda en Dirk om te genieten van Chimay Bleu aan € 1.60 (waar vind je dit nog !). Hebben een werkelijk schitterende, prachtig gevarieerde, pittige tocht achter de rug. Rond de klok van zevenen zoeken we terug ons karretje op. Mr. Le Permanent is nog steeds aanwezig …onze lachebekken uit Leuven nog steeds niet! Hoe zou het hun vergaan zijn ?

 FOTOREEKS

http://s359.photobucket.com/albums/oo39/fototripper090a/2...

21:04 Gepost in wandelen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: namen, -f

De commentaren zijn gesloten.