12-09-08

16.09.2007 Les Sangliers du Samson te Mozet

Het is al een tijdje geleden maar vandaag trekken we nog eens Wallonië in. Mozet, net ten zuidoosten van Namen is een prachtig dorpje met huizen en kerk in grijze natuursteen, een dorp om verliefd op te zijn. Bij prachtig weer, beter dan deze zomer, zoeken we rond 9:30 een parkeerplaatsje. Clubmaatje Ghislaine komt ons al voorbij gestapt, zoals gewoonlijk met een lach van oor tot oor. Een korte babbel en ze gaat er fluks vandoor. Het kleine startzaaltje kan de toevloed aan wandelaars nauwelijks slikken. Bij een kopje koffie even het parkoers bekijken, Wierde, Faulx-les-Tombes en Gesves, zo zien we het graag.

De 35km zouden er slechts 33 zijn en we gaan nog voor 10:00 op pad, tijd zat dus. Opmerkelijk hoe de bomen hier al hun herfsttooi hebben met de eerste geel en rood getinte bladeren. Hier zijn de nachten al kouder geweest dan in Vlaanderen. We lopen het dorpje met z’n allen uit, de gele pijlen volgend. Bij de eerste bocht verwarring alom. Alle afstanden staan in de pijlen gedrukt. Maar hier is alles geschrapt behalve de 5km. Sommigen lopen terug naar de start, anderen staan oeverloos te discussiëren welke kant uit. Wij lopen koppig door, een kilometertje meer of minder wat maakt het uit! Traagjes klimmen we naar de top van de helling. Hoe hoger je komt, hoe mooier en weidser de Ardeense vergezichten worden. Heerlijk is dit. We komen ook het eerste splitsingsbordje tegen, onze gok was juist, 1-0 voor Hemiksem. Bij een grijs natuurstenen villaatje, delikaat neergeplant in het groen, gaat het terug bergafwaarts. De eerste rust na 3,9km is niet meer dan een garagepoort en een paar bankjes. Koffie wordt er in grote thermoskannen aangevoerd vanaf de startzaal. Er zijn dan ook regelmatig tekorten. Wallonië, een andere wereld toch, maar wij houden van die ongedwongen slordigheid.

De volgende rust zou volgens de helpers op zo’n 7km liggen, meer weten zij ook niet. Wij gaan monter op pad. Lopen over onverhard parallel en hoog boven het zonovergoten valleitje. Het pad heeft soms meer van een sluikstort voor bouwafval maar dat kan de pret niet bederven. Een pittige afdaling voorbij een prachtige witte vierkantshoeve wordt traditiegetrouw gevolgd dor een stevige klim. Deze rakker komt je echt tegemoet naarmate je het hoogste punt nadert. Lopen voorbij een stemmig kapelletje met aparte toren en dan opnieuw parallel de vallei, genieten maar. We duiken op onverhard tussen hoge meidoorn terug naar de vallei en het dorpje Wierde. Hier kiezen we voor de Rue des Tiennes. Linda wijst naar het naambord, veelbetekenend ...klimmen geblazen! Lange, trage haarspeldbochten zetten ons af helemaal bovenaan de helling. Over de top de tweede rust in en paardenstoeterij. Er staan een aantal prachtige rijtuigen. Iedereen fronst de wenkbrauwen bij de aangegeven kilometers. Wij stapten 1:30 over 7,2km, een slakkengangetje dus.

Even een drankje en een booke, we gaan verder op pad. Lopen als over de top van een duin, met schitterende, zonnige vergezichten aan beide kanten. Ter hoogte van ons kerkje van daarstraks gaan de langere afstanden hun eigen weg. Wat nu volgt is een lange, prachtige dalende holle weg in een bosrijke omgeving. Het is wel opletten hoe en waar je de voetjes neerzet vanwege de vele stroken leisteen. Na 3km zijn we aan de volgende rust, een oud gebouw met opschrift ‘Source d’Arville’. Blijkt grondgebied Faulx-les-Tombes te zijn. We pauzeren kort bij de éénmansrust. Medewandelaars met GPS zitten een kleine 2km boven de aangegeven 14,2. Rust nummer 4 zou ...vier kilometer verder zijn. We klimmen uit het dalletje richting bewoonde wereld. Het is wat keren en draaien en menig wandelaar loopt fout vanwege de zuinige bepijling. Eagels Eye kent echter geen problemen en loodst mij feilloos naar het imposante kasteel van Faulx. Daar duiken we terug de bossen in en verderop naar het dorpscentrum voor de volgende rust. De lus voor de 35km is 8km lang zeggen de helpsters en dan 5km tot ‘binnen’. Het is nog geen 14:00, tijd zat dus.

De lus begint vrij troosteloos langs de drukke Route d’Andenne ‘immer gerade aus’. Randje Haut-Bois een merkwaardig monument, rode stoelen met elk een boom die dwars door hun leuning groeit, grappig maar de bedoeling ontgaat ons. Vanaf hier is het klimmen geblazen in het Bois de Gesves. Het pad ligt er bepaald nattig bij en we moeten geregeld van links naar rechts om de droogste stukjes op te zoeken. De grond ligt er ook omgewoeld bij, naar wij vermoeden het werk van everzwijntjes. Het is dan ook de tocht van Les Sangliers du Samson. Eens te meer zijn wij moederziel alleen. Zolang we maar regelmatig pijlen zien hangen geen probleem. Helemaal bovenaan de helling stappen we het bos uit. Beneden in het dal ligt Gesves maar daar gaat het niet naartoe. We blijven op de kim lopen wanhopig zoekend naar pijlen. Passeren twee straten, dit is fout. Ik keer op mijn stappen terug en inderdaad. Er hangen pijlen terug het bos in maar om deze te zien moest je ogen ...vanachteren hebben!

Het wordt een lange, vrij technische, maar oh zo mooie afdaling. Alhoewel dit nog steeds het Bois de Gesves is oogt het toch heel verschillend van daarstraks. Klommen we door een loofbos, hier voert spar de boventoon. Het eigenlijke pad is niet meer begaanbaar en dus loodst de parkoersbouwer ons zigzaggend tussen de sparren door. Intussen is het opletten voor boomwortels, afgebroken takken en ...paddestoelen, halsbrekend is het soms. Het is een schitterend stuk parkoers ... maar de tijd tikt ook weg. We zitten al boven de verwachte 1:20 tot de rustpost. Komen het bos uit bij een prachtige vierkantshoeve met open ruimte aan de valleikant. Het uitzicht is er adembenemend. Je kijkt uit over de hele zonnige vallei, inclusief het statige kasteel met zijn vier ranke torens en het mooie kerkje. Daar ligt de rust. We draaien echter een heel eind rechtsweg om vervolgens als over een roetsjbaan naar beneden te denderen. Na exact twee uur stappen staan we aan de rustpost en dit voor een lus van 8km! Ik interpelleer dezelfde helpster van daarstraks. Ze geeft schoorvoetend toe dat de meeste wandelaars de lus op 11km schatten. Het is intussen 16:00 en we hebben nog 5km voor de boeg.

We verlaten vrij snel het dorp voor een korte afdaling door weilanden naar het riviertje. Kunnen niet anders dan het linksweg volgen en dan ... geen pijlen meer! We keren op onze stappen terug, blijken juist gelopen te zijn. Een lokale bewoner wijst ons de weg. Er zijn pijlen verdwenen, is al de ganse dag zo, zegt hij! We vervolgen onze weg over asfalt tussen twee groene muren, beboste hellingen. Wij moeten gelukkig niet klimmen maar mogen netjes de vlakke weg volgen langs een houtzagerij. Hierna volgt wel een wondermooi klimmetje. Het holle paadje lijkt wel een spelonk, de losse keien nemen we er graag bij. Boven gekomen wacht de weidse open landelijke ruimte met huisjes als uitgestrooid door een spaarzame hand. Het allerlaatste graspaadje herken ik van vroegere tochten. We lopen het dorp binnen langs een pracht van een natuurstenen hoeve met vierkante toren. Je hebt van hier een heerlijk overzicht op de hellende dorpskern met centraal het stemmige kerkje. De Tienne St-Lambert brengt ons er naartoe en langs. Berggeit puurt er een laatste spurtje uit, ik kom hijgend en puffend achterop. Hé, hé was een stevig tochtje met een heerlijke finale. Aan de tijd die wij onderweg waren te zien schatten we de 33km op ruim 37, het is dan ook al 17:15.

Gewoontegetrouw zorg ik voor de Leffe en Linda voor de stempels in onze wandelboekjes. Wij gaan lekker buiten een terrasje doen. Linda komt woedend terug van bij de Permanent. De onze onbekende vrouw van niet-belgische komaf scheepte haar heel onvriendelijk af met de boodschap dat er geen stempels gegeven werden na 17:00. Gezien de erge boosheid van mijn vrouwtje laat ik de situatie even bekoelen. De mevrouw in kwestie komt naar buiten en spreekt ons opnieuw brutaal aan met de vraag of wij soms een probleem hebben. Ik negeer haar en zeg tegen haar echtgenoot, eveneens Permanent, dat de lengte van het parkoers ons parten heeft gespeeld. Is niet mijn probleem antwoord hij brutaal en ze stappen in hun auto. De vrouw gedraagt zich echt op een denigrerende en onbeschofte wijze t.o.v. ons. Wij blijven een beetje verweesd achter. Ik besluit een actie te ondenemen die ik vrijwel nooit doe, op maandag vertrekt er een klacht naar de FFBMP tegen deze twee personen. Zo eindigt een leuke dag eigenlijk nog in mineur. De terugweg verloopt ook aan een slakkengangetje wegens veel activiteit in Wallonië dit weekend. We pikken een grieks restaurantje mee in Jesus-Eik, het wandelweekend zit er weeral op. Op maandagmiddag krijg ik telefoon vanuit het FFBMP waar men danig geschrokken blijkt te zijn van mijn schrijven. Er volgt een positief gesprek en wat ons betreft is het leed geleden. Laat ons hopen dat dit bij een eenmalig incident blijft, de waalse wandelvrienden verdienen deze smet op hun gastvrijheid niet. Volgend weekend geen 60km in Ophain, daar voelen we ons niet fit genoeg voor. Wel misschien 35km ofwel de 42km in Marche-en-Famenne. Zondag naar alle waarschijnlijkheid de 42km in Helenaveen, voor twee jaar een pracht van een Peeltocht. Gewoontegetrouw leest U het op BeneluxWandelen.eu.

FOTOREEKS

http://s190.photobucket.com/albums/z182/fototripper0707/1...

20:29 Gepost in wandelen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: namen, -m

De commentaren zijn gesloten.